dinsdag 8 november 2011

Natuur in de woonomgeving veldexcursie Vledderveen

Praktijkochtend, zaterdag 5 november

Met heerlijk herfstweer verzamelen we in Wilhelminaoord, en lopen langs het mooie kerkje het bos in. Na de wandeling door het bos, met een dikke laag droge bladeren op de grond, komen we aan bij het terrein dat we vandaag gaan verkennen.


Edo heeft naast zijn huis een stuk grond van een hectare ingericht als natuur. Tot zeven jaar geleden stond hier mais en aardappelen, nu is het een intrigerend stuk 'nieuwe natuur' geworden. Een deel van de toplaag is weggegraven en er is zand en keileem aangebracht. Ook zijn er hoogteverschillen gemaakt en poelen aangelegd.

Met het zaaien en planten van een grote diversiteit aan struiken en planten is de grond in korte tijd veranderd in een natuurgebiedje waar een grote diversiteit aan dieren en planten te vinden is. Edo heeft ook planten die hier niet van nature voorkomen toegevoegd, en overal stenen, steenhopen en dakpannen geplaatst. Er is her en der kalk gestrooid om kalkminnende planten en dieren aan te trekken. De stenen komen deels uit Zuid-Limburg uit het mergelland en zitten vol fossielen. Al met al zijn er zeer diverse 'mini-biotoopjes' ontstaan. De hoogteverschillen zorgen voor droge en natte plekken, zon- en schaduwkanten. De keileem houdt de poelen nat, en houdt zelfs hoger gelegen plekken nat. Bepaalde leemsoorten hebben een capillaire werking waardoor het vocht aangezogen wordt. Waar het leem aan de oppervlakte ligt verandert het 's zomers door de zon in een soort betonlaag. Achter het terrein ligt grond van Staatsbosbeheer, waar een ecologische verbindingszone is aangelegd.

We verdelen ons in drie groepen: mensen die denken het meest van dieren te weten, of het meest van planten, of het meest van bodem/chemie. Vervolgens maken we groepjes van zes met twee dieren-, twee planten- en twee bodemkenners. Op het terrein zoeken we een plaats om af te bakenen met de meegenomen stokken en touw.

We hebben de opdracht te inventariseren wat er groeit, leeft, de ligging, welk milieu het terrein bezit (o.a. zon, schaduw, bodemsoort, nat, droog, hoog, laag). Ook proberen we een inschatting te maken van wat er zou kunnen leven en hoe het bezocht kan worden door bijvoorbeeld vogels en andere dieren. Vervolgens kijken we naar de relatie tussen dit alles. Als er een bepaalde plant staat, waarom is dat dan? En waarom komen andere planten hier juist niet voor? Welke dieren trekken deze planten of dit soort milieu aan en waarom? Juist door de relaties te doorgronden leer je veel over het terrein.


Binnen korte tijd is er een hele lijst opgesteld van soorten die we zien, horen of waar sporen van achtergebleven zijn. Met de nodige vraagtekens natuurlijk, maar met de aanwezige kennis in de groep, een beetje hulp van de gidsen en een paar boeken kwamen we toch een heel eind. Na ons eigen terrein verkend en besproken te hebben wisselen we met een andere groep om een tweede terrein te verkennen. Iedereen is zo in de ban van wat er allemaal te ontdekken valt dat het moeilijk is onze ogen, handen en neus van de grond los te weken!

Een kleine greep uit de oogst: Cichorei, pimpernel, zonneroosje, teunisbloem, dophei en struikhei, bekertjesmos, een cicadesoort, verschillende slakkensoorten en een klomp slakkeneieren, kamsalamander (gevonden onder een dakpan), dikkopjes en een geelbuikvuurpad. Mezen en merels in de struiken nabij onze terreintjes, vogelpoepsporen, en veel slakkenrestanten op en bij de stenen waar lijsterachtigen hun maaltje gegeten hebben. Ook vonden we een paar holletjes van kleine knaagdieren en kevers.


Deze excursie heeft laten zien dat je het landschap kan leren lezen en daar heel veel informatie uit verkrijgt. Het begint vaak met determineren van enkele soorten, die zetten je dan op het spoor van de verdere relaties. Zie je wilgen dan is het aannemelijk dat het een natte plek is, met de bijbehorende plantensoorten, en is er bijvoorbeeld een grote kans op amfibieĆ«n. 

Tijdens de wandeling terug door het bos werd stilgestaan bij de Robinia's met hun opvallende schors. We zagen een paar spechtengaten en leerden en passant dat een zwarte specht in het hardste eikenhout nog een gat kan uithakken, daar waar wij er een spijker op krom slaan. Al met al wederom een zeer interessante, leerzame en gezellige ochtend.

Tessie Bevers

Geen opmerkingen:

Een reactie posten