maandag 26 maart 2012

Bodem en vegetatie, maar eerst een koekoek


22 maart, de lente is begonnen en wij hebben onze cursusavond in het boshuis. Het is nog net niet donker als we aankomen en dat alleen al is een heerlijk gevoel.

Wat ook wel prettig is, we laten het verhaal duurzaamheid achter ons, dat heeft voor heel veel van ons lang genoeg geduurd. We willen met de neus naar de grond en kijken wat daar allemaal gebeurt.
Henk Hut zal ons vanavond meenemen naar de wereld van Bodem en Vegetatie. Maar eerst het woord aan Jan Willem van Haersma Buma voor zijn biologisch moment. Jan Willem begint een betoog over een luie vogel, een lapzwans, lijkt op een sperwer, formaat houtduif. Wat het is wordt al snel duidelijk. De koekoek. Iedereen hoort de koekoek wel eens maar bijna niemand krijgt de koekoek te zien. Of toch wel?  De koekoek is een broedparasiet, overwintert in Noord- Afrika, is maar een korte periode in ons land en vliegt al redelijk vroeg weer terug naar Noord-Afrika om te overwinteren. Volgens Jan Willem is daar weinig over bekend. Wel is bekend dat het geen lange afstandvlieger is. 50 Kilometer is wel de limit en dan moet de vogel alweer flink uitrusten.

Het is een broedparasiet  en dat wil zeggen dat hij, in dit geval de zij dus, een ei legt in een nest van een ander vogeltje. Doorgaans het nest van kleine zangvogels. De koekoek werkt als volgt. De koekoekman houdt de buurt in de gaten, kijkt waar de nestjes gemaakt worden en wanneer het zover is dat de eitjes gelegd gaan worden. Dan vliegt de koekoekman, die dus verdacht veel op een sperwer lijkt, vlak langs het nestje. Het zangvogeltje schrikt en vliegt van het nest. Dan is er mevrouw koekoek die snel een ei legt in het nest en er ook eentje uitkiepert. Dit is in een minuut of 10 geregeld. Het vrouwtje legt zo'n 10 tot 25 eieren in verschillende nesten, steeds maar één ei per nest en meestal van een zangvogelsoort. Het ei van het koekoeksjong komt meestal het eerste uit en het jong kiepert vervolgens al de andere eitjes over de rand zodat er genoeg te eten valt.

De volwassen koekoek eet allerlei insecten waaronder harige rupsen. Die harige rupsen zijn niet geschikt voor het jong, die ze dus ook niet krijgt zolang hij in het nest van de zangvogel zit. Zodra de koekoek op eigen ‘benen’ staat kan hij ook harige rupsen eten.  Die rupsen worden door andere vogels gemeden wat weer in het voordeel is van de koekoek. (de koekoek staat op de rode lijst en dat wil ook wel iets zeggen)

Koekoek, foto wikipedia



Er is nog veel meer te lezen over de koekoek, bijvoorbeeld hier  en hier

Jan Willem had foto’s mee en vertelde over filmpjes op youtube:


Voor diegene met een sterke maag dan toch maar eens kijken hoe bruut het jong van een koekoek te werk gaat.
Jan Willem kreeg veel bijval van de medecursisten en uiteindelijk werd hem
gevraagd ‘waarom een biologisch moment over de koekoek?’  Wij misten een beetje ‘het hart’ in het verhaal. Maar al met al was iedereen toch zeer tevreden want het was een heel leuk biologisch moment. (persoonlijk vind ik de biologische momenten de leukste momenten)
Waarom Jan Willem nu voor de koekoek had gekozen in zijn biologisch moment? Omdat hij het wel een ‘vreemde vogel’ vindt.

Dan is het tijd voor een kennismaking met Henk Hut.
Hij laat een foto zien van een bloem. “Wie weet welk bloempje dit is?”
Er worden wat namen genoemd maar niemand weet het echt.

Silene stenophylla Foto: internet


Voor meer informatie kun je hier lezen. Het is Silene stenophylla (de Ice Age Flower) Een plantje dat in 2012 door  Russische wetenschappers,  uit 30.000 jaar oude cellen, is opgekweekt.


Henk begint zijn verhaal met dit plantje en vertelt dan gelijk dat het vanavond niet over plantjes en bloemetjes gaat maar dat we eerst de bodem induiken. Om de planten te begrijpen kijken we eerst naar de bodem.

Henk laat een foto zien en aan de hand van die foto mogen wij 5 vragen stellen aan Henk om hem iets beter te leren kennen. De foto: Henk zijn voet met daarop een prachtig blauw vlindertje. Hij vertelde dat hij op vakantie was en ineens een prachtig blauw vlindertjes op zijn voet had zitten.
Hij is werkzaam bij staatbosbeheer en ecoloog. Hij verwondert zich graag in de natuur en kan overal van genieten. “Waarschijnlijk, zo zegt Henk, is het al begonnen toen ik buiten in de kinderwagen lag te kijken naar de blauwe lucht en de takken van de bomen.”

'Wij zien de dingen niet zoals ze zijn, wij zien de dingen zoals wij zijn" (Henk Hut, 22 maart 2012)

Henk laat aan de hand van kaarten, schema’s en foto’s zien hoe een bodem eruit ziet.
Zijn verhaal is te te lezen via deze link

Wat heeft invloed op de bodem, het ontstaan van de bodem, de invloed van menselijk ingrijpen. Woorden die steeds terug komen zijn:
Reliëf, water, bodem, plant, vegetatie.  Het reliëf bepaald hoe water stroomt, waar door het achterlaten van voedingsstoffen (stofstromen) vruchtbare grond ontstaat.

De lange termijn gemiddelden bepalen toch wel hoe het met sommige planten kan gaan.

  • Daglengte/ seizoen
  • Temperatuur/ seizoen
  • Aantal vorstdagen
  • Aantal dagen met sneeuwdek
  • Neerslag/ seizoen en verdamping
  • Overheersende windrichting.

Alles heeft invloed op bloei en groei maar vooral het licht is het belangrijkste.

Hoogteverschillen en waterkringlopen veroorzaken stofstromen. Stofstromen zijn afzettingen van (voeding)stoffen uit het water over land. (slib)
Door verwering van de bergen, verstuiving en verspoeling of opgelost in grondwater ontstaan op lange termijn:

  • Voedselrijke / voedselarme plekken (trofie)
  • Zure / Basische plakken (zuurgraad)
  • Natte /Droge plekken (vochtigheid)
  • Zoete / Zoute plekken (salaniteit)

Deze vier elementen zijn bepalend voor de plantensoorten in onze omgeving.

We wandelen door de lesstof aan de hand van foto’s en voorbeelden en Henk is een prettige verteller.
Nu al ben ik benieuwd naar het vervolg want uiteindelijk heet dit blok: Bodem en vegetatie.


Grietje Loof

Geen opmerkingen:

Een reactie posten