zondag 18 maart 2012

Mens en natuur, afsluiting van duurzaamheid in de natuurgidsencursus


Verslag cursusavond 15 maart 2012

Deze avond zitten we in het Boshuis en moeten we eerst de ruimte ordenen, zodat we allemaal een plaats kunnen vinden. André van Es neemt ons voor de laatste keer mee in de wereld van de duurzaamheid. Tessie Bevers houdt  haar biologisch moment, maar omdat Tessie iets verlaat binnenkomt beginnen we met de vier presentaties.


  1. De eerste presentatie gaat over waterberging en wordt gegeven door: Jan-Willem Buma, Rinus Witteveen en Peter Haveman. Peter neemt het woord en neemt ons mee naar het stroomgebied van de Linde. Hij deelt vuilniszakken uit, we kunnen dan tijdens de excursie zwerfvuil oppakken en meenemen.
    De Linde heeft zijn oorsprong zo’n 120.000 jaar terug tussen Fochteloo en Oosterwolde. De Linde was toen zo’n 2 kilometer breed. Afhankelijk aan wie je het vraagt is de Linde een zijrivier van de Tjonger of de Tjonger een  zijrivier van de Linde. Vanaf 1750  werd er veen afgegraven. Evenals bij de latere Weerribben werden er dijkjes gebouwd tussen de afgravingen. Het gebied is nu in eigendom van het Fryske Gea.
    Hierna gaat Jan-Willem verder met de bomen die in dit gebied groeien. Het zijn bomen die goed tegen vochtige omstandigheden kunnen. Jan-Willem heeft een aantal bundeltjes met takken gemaakt en deelt deze uit aan de groep, zodat we ze kunnen bekijken en misschien benoemen. Want hoe kun je nu in de winter zien wat voor boom ergens staat. Dat kan door naar de knoppen te kijken.

    Jan-Willem had de volgende takken meegenomen
    • Katwilg
    • Schietwilg
    • Es
    • Els

    De katwilg, met zijn katjes, en de els, elzenproppen en elzenkatjes, waren voor de meesten makkelijk te herkennen, de schietwilg en de es waren wat moeilijker. De schietwilg heeft puntige, lange knopjes, langs de tak en de es heeft zwarte knopjes op het uiteinde van de vertakkingen.

    Het stroomdalgebied van de Linde wordt een Elzenbroekbos genoemd.

    Rinus vertelde over de waterberging, de Linde is gekanaliseerd om het water uit de landbouwgebieden te krijgen. Voor landbouw is lage waterstand nodig, voor natuurgebied is hogere waterstand nodig. De Linde maakt deel uit van de natte as. Naast vernatting van het natuurgebied is het gebied ook bedoeld als waterberging. Door klimaatverandering zullen er vaker grote hoeveelheden regen vallen en in het gebied van de Linde zal water vastgehouden worden, zodat de mensen geen last krijgen van overstromingen.
  2. De volgen twee gidsen namen ons mee naar de Merskenheide, Pyt Kuipers, gaat vertellen over het beheer en Dick Stolk, begint met het ontstaan van het gebied.
    De Merskenheide is een afwisselend gebied, met bos, droge en natte hei en een klein hoogteverschil. Het is onderdeel van het stroomgebied van Het Koningsdiep.
    De Merskenheide was onderdeel van een groot bos, heide en veengebied tussen Bakkeveen en Beetsterzwaag. Door veenafgravingen ontstond dekzand en dat begroeide met heide. Aan het einde van de 19e eeuw wordt de heide ontgonnen en kreeg de Merskenheide zijn huidige vorm.
    De hoogteverschillen, langgerekte ruggen liggen in een andere richting dan de Hondsrug. Dit komt doordat de gletsjers in de ijstijden verschillende kanten zijn opgegaan.
    Het Koningsdiep is een natuurlijke afvoer van het smeltwater. Het gebied is in eigendom van Staatsbosbeheer.
    Pyt nam het woord en vertelde over het beheer in natuurgebieden door grote grazers. Grote grazers worden ingezet om het mechanisch beheer te vervangen. Hun begrazing zorgt ervoor dat verruiging van het terrein wordt tegengegaan. Grote grazers zijn zelfredzaam, kunnen het hele jaar buitenlopen en hebben niet veel zorg nodig.

    Enkele grote grazers zijn:
    • Het Heckrund, gefokt door de broer Heck, die wilden een runderras fokken dat gelijkstond aan de oeros. Heckrunderen zijn niet zo vriendelijk, komen voornamelijk voor in de Oostvaardersplassen.
    • De Schotse Hooglander, ook wel Highland Cow genoemd, een meestal roodbruin runderras met grote horens. Ze kunnen wel 18 jaar worden, ze zijn niet agressief en worden veel in natuurgebieden gehouden.
    • Konikpaarden, van oorsprong een paardenras uit Polen en Wit-Rusland. Konik is Pools voor paardje. Ze worden veel ingezet voor begrazing, bijvoorbeeld in Lauwersmeergebied.
    • Het schaap, een evenhoevig zoogdier, onder andere gehouden voor de wol. Een gecastreerde ram heet een hamel, de leider met be,l een belhamel. Heideschapen graasden overdag op de heide en kwamen ’s avonds in de potstal. De mest werd verzamelt en gebruikt voor de akkers. Het Drents heideschaap is het oudste schapenras in West-Europa, is waarschijnlijk vanuit Frankrijk naar Nederland gekomen, met name in Drenthe. Het Drentse heideschaap heeft een ranke bouw en stugge, sluike wol en een lange staart.

    Met de komst van de kunstmest werden de schapen overbodig. Nu worden ze nog gehouden voor begrazing van heidegebieden en duinen.

    Grote grazers kunnen worden ingezet als duurzaam natuurbeheer.
  3. De derde excursie was een weidevogelexcursie door Hendrien Nip, Edith Barf en Petra Post. De weidevogelexcursie was een opzetje om te komen op de wormen. Wormen, veel mensen vinden het vieze dieren, zijn heel nuttig. Je kunt ze zelfs als huisdier houden. In een wormenbak, gevuld met aarde zetten wormen groen afval om in compost. Binnen 6 maanden kun je de compost gebruiken.
    Op www.wormenbak.nl  kun je lezen hoe je zo’n wormenbak kunt maken.
  4. Barry Konijn en Albert Raven gaven een excursie voor kinderen en hun ouders. Ze gaven een excursie in het Leggerderveld.  Tijdens de excursie zagen ze mooie bloemen, de Beenbreek, een geel bloemetje, komt voor op kalkarme grond. Uitleg over de naam, zou zijn omdat door kalkgebrek, koeien vaker botten breken.

    Ook werd de Klokjesgentiaan gezien, een heel bijzonder blauw bloempje, die maar op een paar plaatsen groeit. De klokjesgentiaan is waardplant voor het gentiaanblauwtje, een vlindertje, waarvan het mannetje blauw is. Het gentiaanblauwtje legt eitjes op de klokjesgentiaan, het rupsje eet het bloempje op en laat zich dan op de grond vallen. De rups maakt dan geluiden en bewegingen en neemt de geur aan van een knoopmier of een rode bossteekmier. De mieren nemen de rups mee naar het nest en voeden de rups. Na bijna een jaar in het mierennest te zijn geweest verpopt de rups tot vlinder en moet dan heel snel het nest uit, voordat het wordt opgegeten door de mieren. Dit is een heel bijzondere kringloop en als het goed gaat met de klokjesgentiaan wordt dat gezien als succesvol natuurbeheer.


Na de pauze begon Tessie met haar biologisch moment. Er moest een kring worden gemaakt. Daarna gaf Tessie twee regels: niet praten en niet in het zakje kijken. Tessie had namelijk  een aantal zakjes en daar zat wat in. Het licht ging uit en iedereen moest voelen wat in het zakje zat en daarna doorgeven, zodat iedereen kon voelen. Natuurlijk werd er wel gepraat, we hebben een recalcitrante groep. Het licht ging weer aan en Tessie vroeg wie er iets in het zakje had wat niet uit Nederland kwam, daarna degenen die iets in het zakje hadden van een naaldboom. Dit alles zonder in het zakje te kijken. Dat is moeilijk omdat wij mensen heel visueel zijn ingesteld. Tessie vindt het leuk om mensen op veel manieren de natuur te laten beleven, niet alleen door te kijken.

Dox en Kees gaven feedback: begin wat rommelig, maar een hele leuke vorm om mensen natuur te laten beleven. Een biologisch moment met veel hart en handen.

Na het biologisch moment begon André met de laatste module mens en natuur. De inleiding is te downloaden via deze link.
André eindigde met een foto, genomen door de Voyager 1 in 1990, toen hij wegzweefde van de aarde, op meer dan 6 miljard kilometer afstand van de aarde. Bij toeval werd de aarde gefotografeerd in de weerspiegelende zonnestralen. Een bleke, blauwe stip. De foto en het citaat van Carl Sagan waar André de avond mee afsloot, zijn aan iedereen uitgedeeld.

We zijn er in geslaagd die foto te nemen (vanuit de ruimte), en, als je er naar kijkt, zie je een stipje.

Dat is hier. Dat is thuis. Dat zijn wij. Op dat stipje iedereen waar je ooit van gehoord hebt, ieder mens die ooit geleefd heeft, die er zijn/haar leven geleefd heeft. De verzameling van onze vreugde en lijden, duizenden zelfverzekerde godsdiensten, ideologiën en economische leerstellingen, iedere jager en verzamelaar, iedere held en iedere lafaard, iedere schepper en iedere vernietiger van beschavingen, iedere koning en iedere boer, ieder verliefd jong stel, ieder hoopvol kind, iedere moeder en vader, iedere uitvinder en onderzoeker, iedere moraal-leraar, iedere corrupte politicus, iedere superstar en iedere "opperste leider", iedere heilige en zondaar in de geschiedenis van onze soort leefde hier op een stofje, opgehangen in een zonnestraal.

De aarde is een erg klein rustpunt in een enorme kosmische ruimte. Denk aan de rivieren van bloed, vermorst door al die generaals en keizers, opdat zij in glorie en triomf de tijdelijke heersers konden worden van een fractie van een puntje. Denk aan de eindeloze wreedheden begaan door de bewoners van een hoekje van dat puntje aan de nauwelijks te onderscheiden bewoners van een ander hoekje van dat puntje. Hoe talrijk hun misverstanden, hoe gretig ze zijn om elkaar te doden, hoe vurig hun haat. Ons geneuzel, onze ingebeelde eigendunk, de waan dat we een gepriviligeerde positie hebben in het universum, worden getart door dat vale lichtpuntje.

Onze planeet is een eenzaam vlekje in de grote omringende kosmische duisternis. In onze duisternis - in al die uitgestrektheid - is geen aanwijzing dat er hulp van elders zal komen om ons van onszelf te redden. We moeten dat zelf doen. Het wordt wel gezegd dat astronomie een nederigmakend, en ik zou willen toevoegen, een karakterbouwende ervaring is. Naar mijn mening is er misschien geen betere demonstratie van de dwaasheid van de menselijke verwaandheid dan dit plaatje van onze kleine wereld. Voor mij onderstreept het onze verantwoordelijkheid om vriendelijker en mededogender om te gaan met elkaar, en om dat vale blauwe puntje te bewaren en koesteren, het enige thuis dat we ooit gekend hebben.

Carl Sagan, 1934 - 1996
Dineke Gaasendam




Geen opmerkingen:

Een reactie posten